Even voorstellen: Even voorstellen: dr. Elias Janssen, docent-onderzoeker aan Saxion Hogeschool

“Werk zou een plek moeten zijn waar mensen kunnen floreren”

Ik ben Elias Janssen, docent-onderzoeker bij het lectoraat Employability Transition van Saxion Hogeschool.

Wat mij drijft in het doen van onderzoek, komt deels voort uit wat ik in mijn jeugd van dichtbij heb meegemaakt: dat werk mensen ook kan opbreken. Voor mij zou werk een plek moeten zijn waar mensen kunnen floreren. Te vaak hangt dat af van waar je terechtkomt of welke opleiding je hebt gehad. Juist bij ingrijpende veranderingen zoals de implementatie van nieuwe technologie hebben medewerkers nog vaak weinig invloed op wat het voor hun werk en toekomst betekent. Daar wil ik met mijn onderzoek iets aan veranderen.

Na mijn promotietraject naar duurzame loopbanen in het onderwijs heb ik twee jaar gewerkt als docent-onderzoeker bij de HRM opleiding van Hogeschool Avans in Den Bosch. Sindsdien ben ik werkzaam als docent-onderzoeker bij Saxion, waar ik binnen het Smart Skills@Scale-project werkaan slimme toe-eigening van nieuwe technologie: hoe productiemedewerkers technologie leren omarmen, blijven gebruiken en er echt waarde uit halen op de korte en lange termijn. Als praktijkonderzoeker breng ik ook het loopbaanperspectief in op dat implementatieproces: hoe zorgen we dat we, op het moment dat technologie wordt ingevoerd, de gevolgen voor de loopbanen van medewerkers meteen meenemen? En ik werk aan het vertalen van de onderzoeksbevindingen uit ons werkpakket naar de praktijk, zodat de kennis die we samen ontwikkelen ook echt landt bij de bedrijven en medewerkers in de maakindustrie.

In de maakindustrie verandert het werk in hoog tempo door technologieën als AI en robotisering. Of productiemedewerkers deze technologie omarmen en blijven gebruiken, hangt niet alleen af van de technologie, maar ook van de toekomst die ze erin zien: versterkt het hun werk, of voelt het juist als een bedreiging? Bij de invoering van technologie gaat de aandacht logischerwijs vooral naar de technologie en naar een goede ingebruikname daarvan. Tegelijkertijd weten we steeds beter wat zulke veranderingen kunnen betekenen voor de loopbanen van medewerkers. Deze kennis kunnen we eerder inzetten, zodat we samen kunnen bijsturen voordat problemen zoals uitval, verloop of verminderde inzetbaarheid ontstaan.

Mijn onderzoek richt zich daarom op de vraag hoe we die loopbaangevolgen al vanaf de ontwerpfase van een implementatie kunnen meenemen, samen met de medewerkers zelf. Hoe brengen we op het juiste moment het gesprek op gang over wat de technologie betekent voor het werk en het toekomstperspectief van mensen? En hoe voeren we technologie zo in dat medewerkers haar niet alleen goed gebruiken, maar er ook zelf richting aan kunnen geven én bedrijfsresultaten behaald worden? Want de toekomst van het werk is niet iets wat mensen zomaar overkomt; het is iets wat we samen vorm kunnen geven. Zo draag ik graag bij aan een mkb-maakindustrie waarin technologische innovatie en duurzame loopbanen voor vakmensen hand in hand gaan.